Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 11 ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10 en 12 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 (tien) jaren met aftrek van voorarrest.
4.Ontvankelijkheid officier van justitie
Start van het onderzoek
5.Waardering van het bewijs
officiëlegoederen (de rechtbank begrijpt: de deklading) niet op voorraad had en men die nog moest gaan regelen. [verdachte] had het in dit kader in een tapgesprek met [medeverdachte 3] van 22 januari 2013 over “het fruit” dat pas over twee weken klaar zou zijn. Tussendoor werd telefonisch gesproken over “de kleine” die teveel zou praten en dat dit levensgevaarlijk is.
alleen met het fruit. In een ander gesprek op 10 mei 2013 tussen [medeverdachte 7] en [medeverdachte 2] wordt Gomes gevraagd om de Compadre aan de lijn te geven. Compadre legt vervolgens uit dat er een ander soort politie was want er zijn wel vijf soorten politie, onder andere de DEA. Compadre vertelt dat, als zij de avond ervoor hadden besloten om het te doen, de jongens dan op dit moment zouden vastzitten en dat men de dingen dan kwijt zou zijn.
(de rechtbank begrijpt: de container die [medeverdachte 13] moest ophalen)staat op een ander”(p. 177).
- Een container met nummer TRLU4892387. Op 15 augustus 2012 heeft een controle van deze container plaatsgevonden; er zijn geen verdovende middelen aangetroffen.
- Een container met nummer CMAU8359075. Op 1 januari 2013 is de container gecontroleerd en daarbij zijn geen verdovende middelen aangetroffen.
- Een container met nummer CLHU4477605. Deze container is op 30 januari 2013 gecontroleerd en ook in deze container bevonden zich geen verdovende middelen.
invoicemet betrekking tot de onderhavige lading bananen aangetroffen, gedateerd op 13 mei 2013 en met vermelding van [bedrijf 8] i.o. als kopers (p. 188). Dit is de dag dat [verdachte] terugkeert uit Santa Marta en vóór de oprichting van [bedrijf 8] . In een onder [medeverdachte 1] inbeslaggenomen telefoon is een schermafdruk aangetroffen van een
invoice, eveneens gedateerd op 13 mei 2013, maar dit maal met
notifypartij “ [bedrijf 5] ” (p. 553, 572).
[kenteken 5].
eind best vel??” en “Maat…ze belde net..ze vertrouwe het niet”; “hij hing op met… ik weet genoeg”. Om 20:22 wordt er gepingd “Gooi die tel uit”, “extra voorzichtig”, “op hapag-lloyd.com” (p. 33). De rechtbank gaat er gelet op het voorgaande vanuit dat het daadwerkelijk [medeverdachte 1] is geweest die naar de ECT heeft gebeld op 12 april 2013 om te informeren naar de container.
voorafgaandeaan de poging tot het ophalen van de container Coca Coffee valt niet af te leiden dat hij twee containers moest ophalen. Eerst nadat het is mislukt om de container Coca Coffee op te halen spreekt [medeverdachte 13] over “twee”. Voor zover die opmerking al zou zien op een andere container, is die enkele uitlating onvoldoende om de verdachten te linken aan de container Erwtjes/Zalm, nu enig bewijs omtrent de betrokkenheid van de verdachten bij die container ontbreekt. Ook het tapgesprek tussen [verdachte] en [medeverdachte 8] biedt daartoe onvoldoende steunbewijs, te meer nu de beide verdachten in dat gesprek te kennen geven dat ze het niet snappen.
/dehierboven bedoelde feit
(en),
januari201
3tot en met 21 januari 2013
/dehierboven bedoelde feit
(en),
;
dehierboven bedoelde feit
en,
- één of meer emailberichten verstuurd en/of ontvangen met betrekking tot het transport en/of het afleveren en/of de betaling van een hoeveelheid cocaïne en/of de vracht waarin die cocaïne was verborgen en/of
- besprekingen en/of ontmoetingen gevoerd met betrekking tot een hoeveelheid cocaïne en/of de vracht waarin die cocaïne was verborgen en/of
- een bedrijf opgericht (genaamd [bedrijf 8] ) voor de aflevering en/of de opslag van een hoeveelheid cocaïne en/of de vracht waarin die cocaïne was verborgen;
het opzettelijk vervoeren en binnen
het grondgebied van Nederland brengen van hoeveelheid (een) hoeveelhe(i)d van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst 1,
het plegen van die feiten heeft trachten te verschaffen, en/of
eenvoorwerp en
eenvervoermiddel voorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte en/of zijn mededaders wisten dat zij bestemd waren tot het plegen van het hierboven bedoelde feit,
6.Strafbaarheid feiten
7.Strafbaarheid verdachte
8.Motivering straf
9.Voorlopige hechtenis
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
een gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) jaren en 6 (zes) maanden;