Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 (medeplegen van voorbereiding van gijzeling of vrijheidsberoving), 2 (medeplegen van opzetheling) en 3 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaar met aftrek van voorarrest.
4.De verdediging
- Niet kan worden vastgesteld dat de spullen die in de BMW zijn aangetroffen door de verdachte en/of zijn medeverdachten in de auto zijn gelegd, aangezien de auto niet op slot kon en door de politie niet onder observatie was genomen.
- Er zijn geen concrete aanwijzing dat de verdachte van plan was om de echtgenote van [slachtoffer] te ontvoeren. Het door het openbaar ministerie middels de tenlastelegging geschetste scenario is hoogst onwaarschijnlijk omdat niemand op klaarlichte dag met een niet geblindeerde auto met daarin al vier personen een vrouw gaat gijzelen, of wederrechtelijk van haar vrijheid beroven voor de ogen van haar kind en in de drukte rondom een zwembad. De vraag is bovendien hoe verdachten konden weten dat de vrouw en het kind van [slachtoffer] in het zwembad waren. Het peilbaken was immers geplaatst onder de bedrijfsauto van [slachtoffer] en niet onder de auto van zijn echtgenote.
- De laatste verklaring van [getuige 1] is onbetrouwbaar omdat hij met kennis van het dossier de ontbrekende feiten en omstandigheden heeft ingevuld in zijn verklaring en nadrukkelijk zijn eigen straatje heeft schoongeveegd.
5.Waardering van het bewijs
- Uit historische telecomgegevens blijkt dat een (eigen) telefoon van de verdachte en voornoemde Samsung telefoon op 10 oktober 2015 omstreeks 12.59 en 13.00 uur op dezelfde zendmast aanstralen en op 11 en 12 oktober 2015 nagenoeg gelijktijdig op (vrijwel) dezelfde of in elkaars directe nabijheid bevindende zendmasten aanstralen. Daar komt bij dat de verdachte ter terechtzitting heeft verklaard dat hij de Samsung onder zich heeft gehad.
- In de telefoon bevond zich een simkaart waarvan de simkaarthouder is de aangetroffen in de Daihatsu Cuore, de auto van de moeder van de verdachte. De verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij en zijn moeder nagenoeg de enige zijn die de Daihatsu gebruiken en dat hij daarmee op 12 oktober 2015 zijn drie medeverdachten heeft opgehaald waarna zij naar Oud-Beijerland (naar de BMW) zijn gereden.
- Op 11 oktober 2015 is de simkaart die zich aanvankelijk in de telefoon bevond, vervangen door de simkaart waarvan de simkaarthouder in voornoemde Daihatsu is aangetroffen; kennelijk maakte de verdachte gebruik van de Samsung telefoon. De rechtbank verwerpt derhalve het verweer van de verdachte dat hij de telefoon vanaf 10 oktober 2015 tot aan zijn aanhouding slechts onder zich hield voor een ander.
6.Strafbaarheid feit
7.Strafbaarheid verdachte
8.Motivering straf
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) jaren;