Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
DE GEMEENTE DORDRECHT,
1.De procedure
- het proces-verbaal van comparitie van 24 mei 2016 en de daarin genoemde processtukken;
- het faxbericht van 14 juni 2016 namens de gemeente.
2.De feiten
in conventie en reconventie
(…) tot de realisatie van een parkeergarage aan het Kromhout (…) van maximaal 530 parkeerplaatsen (…);
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
in conventie
maximaal250 parkeerplaatsen zouden komen in de parkeergarage op het Kromhout, waaruit volgt dat dit er ook minder of geen konden zijn. Daar komt bij dat de gemeente in latere correspondentie veelvuldig aandacht heeft gevraagd voor het feit dat de raad nog moest instemmen met het onderhandelingsresultaat. Gelet op het voorgaande is geen sprake van vertrouwen dat kan worden ontleend aan toedoen van de raad. Dit betekent dat Bruil c.s. er niet (gerechtvaardigd) op mocht vertrouwen dat de raad zou instemmen met de koop- en realisatieovereenkomst en dat de redelijkheid en billijkheid niet verlangen dat de opschortende voorwaarde als vervuld geldt. Het betoog van Bruil c.s. slaagt om die reden niet en vorderingen 1 tot en met 4 zullen worden afgewezen.
voorwaardenin de koop- en realisatieovereenkomst. Vast staat dat partijen het eens waren over de voorwaarden van de koop- en realisatieovereenkomst, waaronder de voorwaarde dat de raad moest instemmen daarmee. Ook dit artikel ziet daarom, wanneer naar de tekst gekeken wordt, niet op de situatie dat de raad niet zou instemmen met de koop- en realisatieovereenkomst.
De vergunningen en/of ontheffingen worden niet verleend.
De aanbesteding valt veel duurder uit dan verwacht.
Onvoorziene omstandigheden.
€ 904,00(2 punten maal tarief II à € 452,00)