Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de meervoudige kamer van 2 november 2016 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
de minister van Defensie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Rotterdam
Eiser, werkzaam bij de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst, kreeg een verklaring van geen bezwaar (vgb) toegekend. Deze werd ingetrokken door verweerder vanwege onvoldoende gegevens in het veiligheidsonderzoek, met name over het verblijf van eisers partner in Nederland. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het niet tijdig beslissen en het bestreden besluit.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet bevoegd was tot intrekking van de vgb op grond van onvoldoende onderzoeksgegevens, omdat de wettelijke grondslag daarvoor ontbrak op het moment van het besluit. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen was niet-ontvankelijk omdat het bestreden besluit inmiddels was genomen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, bepaalde dat verweerder het betaalde griffierecht aan eiser vergoedt en veroordeelde verweerder in de proceskosten. Tevens werd vastgesteld dat een nieuw onderzoek en besluit noodzakelijk zijn, maar dat dit buiten de huidige procedure dient plaats te vinden.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de verklaring van geen bezwaar wordt vernietigd wegens onbevoegdheid van verweerder.