ECLI:NL:RBROT:2016:9307
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- P.C. Santema
- L.E.M. Wilbers-Taselaar
- H. van der Kaaij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in voorlopige hechteniszaak
Verzoekster, in voorlopige hechtenis, diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die haar verzoek tot opheffing of schorsing van voorlopige hechtenis had behandeld. Zij stelde dat het proces-verbaal onvolledig en onjuist was, dat de rechter onterecht weigerde camerabeelden te bekijken die haar onschuld zouden aantonen, en dat de rechter partijdig handelde door het wrakingsverzoek te negeren en de zitting voort te zetten.
De rechtbank oordeelde dat verzoekster ontvankelijk was omdat de strafzaak nog niet was afgerond en de rechter mogelijk nog bij de zaak betrokken zou zijn. De wrakingskamer stelde vast dat het proces-verbaal een zakelijke weergave was en dat er geen aanwijzingen waren voor geschiedvervalsing. Het verzoek tot het horen van getuigen werd afgewezen.
De weigering van de rechter om de camerabeelden te bekijken werd niet onbegrijpelijk geacht, aangezien de rechter en officier van justitie uitgingen van de juistheid van de beschrijving daarvan. Ook het voortzetten van de zitting ondanks het wrakingsverzoek was gerechtvaardigd vanwege de aard van voorlopige hechtenisbeslissingen die geen uitstel dulden.
Er was geen sprake van subjectieve vooringenomenheid of objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs voor vooringenomenheid van de rechter.