Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
2.De vaststaande feiten
3.De vordering (na wijziging van eis)
4.Het verweer
5.De beoordeling
6.De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
Eisers, werkzaam op basis van uitzendovereenkomsten zonder uitzendbeding bij Inforcontracting, vorderen onder meer naleving van de cao, betaling van achterstallig loon, reiskostenvergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging.
De arbeidsovereenkomst van eiser 1 was voor drie maanden, waardoor een opzegtermijn van zeven dagen gold volgens de ABU-CAO. Omdat eiser 1 zonder opzegtermijn opzegde, mocht Inforcontracting een deel van het loon verrekenen als schadevergoeding. Eisers maakten aanspraak op reiskostenvergoeding, maar Inforcontracting had bedrijfsvervoer geregeld en bracht kosten in rekening bij eisers.
De kantonrechter oordeelt dat de cao geen ruimte biedt voor het vragen van een vergoeding voor door de werkgever geregeld vervoer en veroordeelt Inforcontracting tot terugbetaling van deze kosten. De algemene vordering tot nakoming van de cao en de vordering wegens onregelmatige opzegging worden afgewezen. Eisers krijgen een deel van het loon en wettelijke rente toegewezen, evenals een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten. De zaak wordt verwezen voor nadere vaststelling van vervoerskosten en proceskosten.
Uitkomst: Inforcontracting wordt veroordeeld tot betaling van loon, terugbetaling vervoerskosten en verstrekking loonstrook, met nadere vaststelling van kosten en proceskosten.