ECLI:NL:RBROT:2017:10876

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
13 juli 2017
Publicatiedatum
3 mei 2018
Zaaknummer
10/086067-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 249 lid 1 Wetboek van Strafrecht
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak ontucht met aan zorg toevertrouwde minderjarige

De rechtbank Rotterdam behandelde op 13 juli 2017 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van ontucht met een minderjarige die aan zijn zorg was toevertrouwd. De tenlastelegging betrof meermalen of éénmaal ontucht plegen in de periode januari 2012 tot en met 19 augustus 2014.

Tijdens de terechtzitting heeft de officier van justitie gevorderd dat verdachte vrijgesproken wordt. Zowel de officier van justitie als de verdediging waren van mening dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen.

De rechtbank volgde dit standpunt en sprak verdachte vrij zonder nadere motivering. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam, waarbij de voorzitter en twee rechters het vonnis hebben gewezen.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontucht met een minderjarige.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1
Parketnummer: 10/086067-15
Datum uitspraak: 13 juli 2017
Tegenspraak
Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:
[naam verdachte] ,
geboren te [geboorteland verdachte] op [geboortedatum verdachte] ,
ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres
[adres verdachte] , [woonplaats verdachte] ,
raadsvrouw K.S. de Kort, advocaat te Rotterdam.

1.Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 13 juli 2017.

2.Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

3.Eis officier van justitie

De officier van justitie, mr. A. Ekiz, heeft gevorderd:
- vrijspraak van het ten laste gelegde.

4.Waardering van het bewijs

4.1.
Vrijspraak zonder nadere motivering
Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.

5.Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

6.Beslissing

De rechtbank:
verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit vonnis is gewezen door:
mr. J.L.M. Boek voorzitter,
en mrs. A. van Luijck en L. Daum, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. L. van Hemert, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.
Bijlage I
Tekst tenlastelegging
Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat
hij in of omstreeks de periode van januari 2012 tot en met 19 augustus 2014 te Rotterdam meermalen, althans éénmaal, (telkens) ontucht heeft gepleegd met de aan zijn zorg en/of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige [naam minderjarige] , geboren op [geboortedatum minderjarige] 2005, immers heeft hij meermalen, althans éénmaal (telkens) met zijn hand(en) (over) haar borst en/of buik en/of vagina betast en/of aangeraakt en/of gewreven;
( art 249 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht )