Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het primair tenlastegelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden met aftrek van voorarrest.
4.Waardering van het bewijs
De verdachte zelf heeft verklaard:
van een dergelijke omvang en (mede)verdachte(n) en/of anderen ook niet hebben verklaard dat de gelden een legale herkomst hadden, laat staan welke legale herkomst die gelden dan zouden hebben gehad, dient te worden aangenomen dat de geldbedragen die op de bankrekeningen van de derde bedrijven zijn gestort, en dus ook de gelden die naar de bankrekening van [derde bedrijf 2] zijn overgemaakt, middellijk of onmiddellijk uit misdrijf afkomstig zijn.
1 september 2011 om 11.03 uur voor de pinautomaat aan de Stationsweg te Dordrecht staan, verklaard:
de rechtbank zich eerst dienen te buigen over de vraag of bewezen kan worden dat de verdachte zich, al dan niet samen met een of meer anderen, ten aanzien van een of meer van de door [bedrijf] naar de bankrekening van zijn, verdachtes, bedrijf overgemaakte geldbedragen heeft schuldig gemaakt aan gewoontewitwassen, althans het opzettelijk witwassen van die geldbedragen, dan wel, mocht het voorgaande niet bewezen kunnen worden, aan (medeplegen van) schuldwitwassen van een of meer van die geldbedragen, meer subsidiair, indien ook dit laatste niet te bewijzen valt, of bewezen kan worden dat de verdachte medeplichtig is geweest aan het witwassen van een of meer van die geldbedragen.
€ 1,6 miljoen (…) zoals aan verdachte onder 1 primair is ten laste gelegd”. De raadsman van de verdachte heeft vrijspraak bepleit.
aan het begin van een pintransactie: De eerste transactie op de desbetreffende rekening is een kasstoring van
€ 10,- op 20 april 2010. Daarna hebben geregeld bijschrijvingen en geldopnames plaatsgevonden. In de periode van 20 april 2010 tot en met 29 juni 2010 is alleen op 20 mei 2010 het saldo ongeveer € 18.000,-, namelijk € 18.870,92. Echter, dit saldo wordt dezelfde dag, nog voordat er sprake is van een opname, aangevuld tot € 28.367,72. Er is eerder die dag wel een opname bij een geldautomaat van € 500,- maar het beginsaldo bedraagt dan
€ 15.822,22.
Er is, al met al, gedurende deze hele periode geen saldo dat in de buurt komt van € 18.000,- aan het begin van een pintransactie.
Op 28 mei 2010 zijn er veertien opnames van € 500,- en twee van € 1.000,-, maar de saldi zijn steeds onder de € 10.000,-. De enige opnames die in de buurt van de verklaring van de verdachte komen zijn drie opnames van twee keer € 4.000,- en een keer 500,- op 26 mei 2010, de dag waarop de limiet van pas 41 is verhoogd. Het
eindsaldo is dan € 17.367,72.
Als zodanig is dit onvoldoende frequent en te zeer verspreid over een lange periode om van een gewoonte te kunnen spreken.
: “Ik wist dat er geen olie was.” Daarmee staat vast dat de verdachte in ieder geval vanaf dat moment opzettelijk geld heeft witgewassen door het omzetten van banktegoed in contant geld
(door dit geld op te nemen bij geldautomaten), welk geld hij vervolgens voorhanden had op het moment dat hij het aan [medeverdachte] heeft gegeven. Dat laatste is evenwel slechts
- aantoonbaar - het geval geweest op 1 september 2011, nu onduidelijk is gebleven of, en zo ja wanneer, het de verdachte voordien duidelijk was geworden dat de door hem bij geldautomaten opgenomen geldbedragen niet terug te voeren waren op eerlijke handel.
Het ten behoeve van [bedrijf] ter beschikking stellen van een bankrekening met bijbehorend bankpas kan mogelijk worden aangemerkt als (voorafgaande) medeplichtigheid aan witwassen. Nu evenwel partiële bewezenverklaring zal volgen van het primair tenlastegelegde opzettelijk witwassen, komt de rechtbank aan de beoordeling van de meer subsidiair tenlastegelegde medeplichtigheid aan witwassen niet meer toe. Om dezelfde reden komt de rechtbank evenmin toe aan het subsidiair tenlastegelegde medeplegen van schuldwitwassen.
1 september 2011een of meerdere tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 19 april 2010 tot en met 14 november 2011 (telkens)te Dordrecht
en/of Ooltgensplaat en/of (elders) in Nederland, (telkens) tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,(telkens) van een of meervoorwerp
(en
), te weten
een of meer (gira(a)l(e) en/ofcontant
(e
))geldbedrag
(en
) tot een totaal van ongeveer Euro 1.603.181,11, althans (telkens) een of meer geldbedrag(en), de werkelijke aard en/of herkomst heeft verborgen en/of verhuld, en/althans heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(n) op dat/die voorwerp(en) was/waren, of wie bovenomschreven voorwerp(en) voorhanden had(den),
/of heeft overgedragen en/ofheeft omgezet, terwijl hij, verdachte,
en/of zijn mededader(s) (telkens)wist
(en)dat bovenomschreven
voorwerp(en)/geldbedrag
(en
) (telkens)geheel of
was/waren uit enig
(e)misdrijf
/misdrijven, hebbende hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) van het plegen van witwassen een gewoonte gemaakt.(vul de feitaanduidingen in)
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) dagen;
-daarin begrepen de tijd die de veroordeelde in Spanje in detentie heeft doorgebracht in afwachting van de uitlevering aan Nederland ten behoeve van de onderhavige zaak-bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.
was/waren, of wie bovenomschreven voorwerp(en) voorhanden had(den),
dat bovenomschreven voorwerp(en)/geldbedrag(en) (telkens) geheel of
19 april 2010 tot en met 14 november 2011
(telkens) tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,
totaal van ongeveer Euro 1.603.181,11,
heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(n) op dat/die voorwerp(en)
was/waren, of wie bovenomschreven voorwerp(en) voorhanden had(den),
en/of heeft overgedragen en/of heeft omgezet,
vermoeden dat bovenomschreven voorwerp(en)/geldbedrag(en) onmiddellijk of
(telkens) tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen,
totaal van ongeveer Euro 1,603,181711,
en/althans heeft/hebben verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(n) op
dat/die voorwerp(en) was/waren, of wie bovenomschreven voorwerp(en) voorhanden had(den),
vereniging met (een) ander(en), althans alleen,
met 14 november 2011 te Dordrecht en/of Ooltgensplaat en/of (elders) in
Nederland,