Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
RAMBLAS ENTERTAINMENT B.V.,
[gedaagde sub 3],
1.De procedure
- de dagvaarding van 27 maart 2015, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- het tussenvonnis van 12 augustus 2015, waarbij een comparitie van partijen is bepaald;
- de brief van de rechtbank van 17 september 2015 waarin is vermeld dat de comparitie geen doorgang vindt en de zaak naar de rol is verwezen voor conclusie van repliek;
- de conclusie van repliek tevens houdende vermeerdering van eis, met producties;
- de conclusie van dupliek tevens akte inzake wijziging van eis, met producties;
- de op 30 mei 2016 gehouden pleidooien en de ter gelegenheid daarvan overgelegde pleitaantekeningen van beide partijen.
2.De feiten
in aanmerking nemende:
3.Het geschil
bepalen, rb] bedrag, met de aantekening dat het toe te wijzen bedrag nimmer meer kan bedragen dan het nog definitief vast te stellen boedeltekort;
4.De beoordeling
inleiding
mogelijkheidvan fraude biedt, betekent nog niet dat daadwerkelijk is gefraudeerd en dat de administratie niet voldoet aan de eisen van art. 2:10 BW Pro.
8.000,00(4,0 punten × tarief € 2.000,00)