De rechtbank Rotterdam heeft verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde bezit van stoffen bestemd voor het vervaardigen van vuurwerk, omdat deze stoffen op het moment van aantreffen als afvalstoffen werden beschouwd waar verdachte zich van wilde ontdoen.
Verdachte werd echter veroordeeld voor het medeplegen van meerdere overtredingen van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, de Waterwet en de Wet milieubeheer. Dit betreft het illegaal vervoeren en achterlaten van grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen zonder de vereiste vergunningen, etikettering en veiligheidsmaatregelen, en het dumpen van gevaarlijke stoffen in de Nieuwe Maas en de Hollandse IJssel.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte in de periode december 2014 in verschillende gemeenten gevaarlijke stoffen vervoerde en op de openbare weg achterliet, waarbij veiligheidsvoorschriften werden overtreden. Tevens werd vastgesteld dat verdachte bedrijfsafvalstoffen inzamelde zonder beroepsmatige vergunning, maar hiervoor werd ontslag van rechtsvervolging verleend.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van twaalf maanden op, rekening houdend met de ernst van de feiten en de ondergeschikte rol van verdachte ten opzichte van een medeverdachte. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €6.115,16 aan de benadeelde partij voor materiële schade veroorzaakt door de milieuvervuiling.