Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 24 februari 2016, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- het vonnis d.d. 7 april 2016, waarbij een comparitie van partijen is gelast.
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een koopovereenkomst van een paard met als gebruiksdoel dressuursport en recreatief gebruik. De koper vordert ontbinding van de koop en schadevergoeding wegens vermeende non-conformiteit en dwaling. De verkoper had het paard met röntgenologische beperkingen verkocht, waarvan de koper op de hoogte was.
De rechter stelt vast dat het paard geschikt was voor de lage dressuursport en recreatief gebruik, maar niet voor de hogere dressuursport zoals de koper wenste. De koopovereenkomst en advertentie vermeldden echter niet dat het paard geschikt was voor hogere dressuursport. De koper had dit ook niet kenbaar gemaakt bij de verkoper.
Het beroep op non-conformiteit faalt omdat het paard voldeed aan de overeenkomst en het gebrek bekend was. Het beroep op dwaling wordt verworpen wegens onvoldoende onderbouwing en gemotiveerde betwisting door de verkoper. De vorderingen worden afgewezen en de koper wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de koper worden afgewezen wegens ontbreken van non-conformiteit en onvoldoende onderbouwing van dwaling.