Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 1 impliciet primair ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1 impliciet subsidiair en het onder 2 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 jaren met aftrek van voorarrest, alsmede ter beschikkingstelling van de verdachte met bevel tot dwangverpleging.
4.Waardering van het bewijs
directeoverdracht), dan door
indirecteoverdracht, zoals is gesteld door de verdediging.
indirecteoverdracht zowel DNA van de verdachte op het slachtoffer als DNA van het slachtoffer op kleding afkomstig uit de woning van de verdachte wordt aangetroffen, dermate klein dat het – zonder enig aannemelijk alternatief scenario van
directeoverdracht – het niet anders kan zijn dat de verdachte [slachtoffer 1] heeft aangevallen.
- [slachtoffer 2] een paar minuten vóór 05:14 uur is belaagd op de Pasteursingel door een man met een signalement dat past bij de verdachte;
- [slachtoffer 2] vlak daarna gegil van een vrouw heeft gehoord, waarna hij om 05.14 uur de politie heeft gebeld;
- [slachtoffer 1] vervolgens door getuige [getuige 1] vóór 05.16 uur zwaargewond is gevonden op de Pasteursingel;
- er DNA-sporen van de verdachte zijn aangetroffen op de nagels en de jas van [slachtoffer 1] , op een deodorantbus op de plaats delict en op het vest van [slachtoffer 2] ;
- er DNA-sporen van [slachtoffer 1] zijn aangetroffen op een hoody in de woning van de verdachte;
- de telecomgegevens de telefoon van de verdachte om 04:50 uur plaatsen in de buurt van de plaats delict,
5.Strafbaarheid feiten
1.Doodslag
2.Poging tot afpersing
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf en maatregel
8.Vorderingen benadeelde partijen / schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 10 (tien) jaren;
ter beschikking wordt gesteld;
van overheidswege wordt verpleegd;
€ 885,-- (zegge: achthonderdvijfentachtig euro), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 17 mei 2016 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij 1] te betalen € 885,-- (hoofdsom,
zegge: achthonderdvijfentachtig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 17 mei 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 885,-- vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
17 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;