Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1, 2 primair, 3, 4 en 5 tenlastegelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 20 maanden met aftrek van voorarrest, subsidiair (bij een bewezenverklaring van het onder 2 subsidiair tenlastegelegde) een gevangenisstraf voor de duur van 14 maanden met aftrek van voorarrest, alsmede oplegging van de vrijheidsbeperkende maatregel zoals bedoeld in artikel 38v Sr, inhoudende een contactverbod met onder anderen de medeverdachten, met een proeftijd van 2 jaar, bij niet-naleving van de maatregel vervangende hechtenis van 2 weken per overtreding, met een maximum van 6 maanden.
4.Waardering van het bewijs
5.Strafbaarheid feiten
2.subsidiair.
opzetheling;
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vorderingen benadeelde partijen/ schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 14 (veertien) maanden;