3.1.[eiser] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
te gelasten dat gedaagden het gelegde derdenbeslag onder 3voud B.V. enkel mogen vervolgen met inachtneming van de beslagvrije voet over de maanden oktober, november en december 2015 van € 793,61, althans vast te stellen dat de beslagvrije voet over de maanden oktober, november en december 2015 € 793,61 bedroeg, onder verbeurte van een aan [eiser] te betalen boete van € 500,- voor iedere dag of gedeelte van een dag dat gedaagden in gebreke blijven na betekening van het te wijzen vonnis, gevolg te geven aan het vonnis;
te gelasten dat gedaagden in 2017 een beslagvrije voet hanteren van € 1.608,22, althans vast te stellen c.q. voor recht te verklaren dat de beslagvrije voet in 2017 € 1.608,22 bedraagt, onder verbeurte van een aan [eiser] te betalen boete van € 500,- voor iedere dag of gedeelte van een dag dat gedaagden in gebreke blijven na betekening van het te wijzen vonnis, gevolg te geven aan het vonnis;
voor recht te verklaren dat het bankbeslag dat is gelegd bij de ING op 1 mei 2017 nietig is;
gedaagden te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding van € 100,- voor de kosten die door de bank in rekening zijn gebracht, te verhogen met kosten van eventuele overbetekening PM;
gedaagden te veroordelen in de kosten van dit geding, waaronder de advocaatkosten van [eiser] , begroot op € 5.000,-.