Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het subsidiair ten laste gelegde, met uitzondering van het derde gedachtestreepje, te weten het maken van zwaaiende bewegingen met het mes in de richting van [naam slachtoffer] en anderen;
- ontslag van alle rechtsvervolging ten aanzien van het eerste gedachtestreepje onder het subsidiair ten laste gelegde, te weten het tonen van het mes;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden met aftrek van voorarrest;
- herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling voor een periode van 180 dagen, in de zaak met VI-nummer 99/000262-30.