ECLI:NL:RBROT:2017:6157
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.J. Roos – van Toor
- Rechtspraak.nl
Toelating schuldsaneringsregeling met optie verkorte periode en schadevergoeding buiten regeling
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvermogen tot voortzetting van betalingen. De rechtbank heeft verzoeker gehoord en vastgesteld dat het verzoek voldoet aan de formele eisen en dat sprake is van een situatie waarin verzoeker niet langer kan betalen.
Hoewel er een strafgerelateerde vordering bestaat, staat deze de toelating niet in de weg omdat de veroordeling buiten de vijfjaarstermijn valt. De rechtbank is bevoegd de insolventieprocedure te openen omdat het centrum van voornaamste belangen van verzoeker in Nederland ligt. De rechtbank houdt rekening met de psychische toestand van verzoeker, waardoor het niet tijdig aanvragen van een aanvullende WW-uitkering niet aan hem wordt toegerekend.
Beschermingsbewind is ingesteld om de financiële situatie te waarborgen. Eerder werd een verzoek tot dwangakkoord afgewezen vanwege de aard van een vordering. Gezien de gezondheidstoestand van verzoeker is het onwaarschijnlijk dat schuldeisers aan het einde van de regeling een uitkering ontvangen. De rechtbank beveelt de rechter-commissaris aan om bij goed verloop na het tweede verslag van de bewindvoerder te overwegen de regeling te verkorten tot een jaar.
De rechtbank benoemt mr. W.J. Roos – van Toor tot rechter-commissaris, kent een voorschot toe op de vergoeding van de bewindvoerder en geeft last tot het openen van aan verzoeker gerichte post. Het vonnis is op 24 juli 2017 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling met benoeming van een rechter-commissaris en mogelijkheid tot verkorting van de regeling.