ECLI:NL:RBROT:2017:7963
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtvaardigde inmenging in eigendomsrecht bij inleveren dienstauto politie
Eiser, werkzaam bij de Landelijke Eenheid van de politie, maakte elf jaar gebruik van een dienstauto voor woon-werkverkeer en dienstreizen. Verweerder heeft hem bij besluit opgedragen de dienstauto binnen drie maanden in te leveren vanwege nieuw dienstautobeleid dat per 1 juli 2014 in werking trad.
Eiser stelde dat het inleveren van de dienstauto een onrechtmatige inbreuk op zijn eigendomsrecht vormde volgens artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM, omdat geen passende financiële compensatie werd geboden. De rechtbank oordeelde dat er sprake was van een gerechtvaardigde inmenging, gebaseerd op een wettelijke grondslag in de Politiewet 2012 en een redelijke proportionaliteit tussen doel en middel, mede omdat een aanvaardbaar alternatief in de vorm van een reiskostenvergoeding wordt geboden.
Verder vond de rechtbank het overgangsbeleid, inclusief de drie maanden termijn voor inlevering, niet kennelijk onredelijk. Het beleid was tot stand gekomen in overleg met politievakorganisaties en bood een redelijke afbouwregeling. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot inlevering van de dienstauto wordt ongegrond verklaard.