ECLI:NL:RBROT:2017:8007
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vervangende toestemming voor reis met minderjarigen naar Israël
De man verzocht de rechtbank om vervangende toestemming om samen met zijn twee minderjarige kinderen naar Israël te reizen voor familiebezoek en het bezoeken van heilige plaatsen. De vrouw, met wie hij gezamenlijk het ouderlijk gezag uitoefent, was tegen dit verzoek en stelde dat de kinderen bang waren voor de reis en dat de vader vooral orthodox-joodse vrienden wilde bezoeken die in onveilige gebieden wonen.
De rechtbank oordeelde dat er sprake was van een spoedeisend belang vanwege de geplande vertrekdatum en dat een materiële beoordeling noodzakelijk was. Uit de feiten bleek dat de kinderen nog nooit in het buitenland waren geweest en nog nooit gevlogen hadden, wat de reis extra spannend maakte. Daarnaast wees de rechtbank op de veiligheidsrisico's in Israël, waaronder terroristische aanslagen en geweld, zoals vermeld op de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken.
De rechtbank vond dat het belang van de kinderen om een veilige vakantie met hun vader te hebben zwaarder woog dan de wens van de vader om hen kennis te laten maken met zijn familie in Israël. De mogelijkheid om de familie elders te ontmoeten zonder veiligheidsrisico's speelde hierbij een rol. Daarom wees de rechtbank het verzoek van de man af en bepaalde dat elke partij haar eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek van de vader tot vervangende toestemming voor een reis met minderjarige kinderen naar Israël af wegens veiligheidsrisico's en het belang van de kinderen voor een veilige vakantie.