Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
[eiser 3]
1.De procedure
- het tussenvonnis van 19 april 2017;
- het proces-verbaal van comparitie van 13 juni 2017, alsmede de toen overgelegde nadere producties en pleitnotities.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Indien iemand door overtreding van een veiligheids- of verkeersnorm een ernstig ongeval veroorzaakt, handelt hij in een geval als hier bedoeld niet alleen onrechtmatig jegens degene die dientengevolge is gedood of gekwetst, maar ook jegens degene bij wie door het waarnemen van het ongeval of door de directe confrontatie met de ernstige gevolgen ervan, een hevige emotionele schok wordt teweeggebracht, waaruit geestelijk letsel voortvloeit, hetgeen zich met name zal kunnen voordoen indien iemand tot wie de aldus getroffene in een nauwe affectieve relatie staat, bij het ongeval is gedood of gewond. De daardoor ontstane immateriële schade komt op grond van het bepaalde in art. 6:106 lid Pro 1, aanhef en onder b, BW voor vergoeding in aanmerking.
je kind in het lijkenhuis te zien en het levenslange trauma dat dit met zich meebrengt” en in de slachtofferverklaring in de strafzaak “
mijn dochter, vlees van mijn vlees, zag ik levenloos liggen”. Beide uitingen zien slechts op voormelde bevestiging van de dood en hoe erg het was om dat feit bevestigd te zien.
worden, onder vernummering van het derde tot vijfde lid, een nieuw derde, vierde en zesde lid ingevoegd, luidende:
Principles of European Tort Law, en de
Draft Common Frame of Referencebieden de mogelijkheid om smartengeld aan nabestaanden toe te kennen, doch de status van deze teksten brengt mee, dat daaraan niet meer gezag toekomt dan aan een wetenschappelijke publicatie. Het Hof van Justitie van de Europese Unie past deze niet toe in de aan hem voorgelegde zaken.
effective remedyin de zin van art. 13 EVRM Pro), zijn verdragsverplichtingen schendt. Ook de rechter wordt, in die context, beschouwd als een onderdeel van de Staat.