ECLI:NL:RBROT:2017:9227
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende nakoming
Verzoeker diende op 25 april 2017 een verzoek in tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank Rotterdam behandelde dit verzoek en hield een zitting op 8 november 2017. Verzoeker heeft een schuldenlast van ruim €388.000 en was eerder failliet verklaard, evenals twee vennootschappen waarin hij (middellijk) bestuurder was.
De rechtbank beoordeelde of verzoeker te goeder trouw was bij het ontstaan en het onbetaald laten van zijn schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek. Verzoeker had twee leningen van in totaal €350.000 aangegaan, die hij in zijn onderneming investeerde. Kort na het aangaan van deze leningen werden zowel zijn vennootschappen als hijzelf failliet verklaard en was het geleende geld niet meer aanwezig. Verzoeker heeft geen pogingen gedaan om met de geldverstrekkers tot een oplossing te komen. Ook probeerde hij de lening aan een van de geldverstrekkers buiten zijn privé-schulden te houden, wat extra kosten voor de schuldeiser veroorzaakte.
Daarnaast probeerde verzoeker de overwaarde van zijn woning buiten de faillissementsboedel te houden en zijn huwelijkse voorwaarden waren aangepast met het oog op vermogensbescherming. De rechtbank concludeerde dat de schulden niet te goeder trouw zijn ontstaan en onbetaald zijn gebleven. Ook is onvoldoende aannemelijk dat verzoeker de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling zal nakomen, mede omdat hij slechts een beperkt dienstverband heeft en onvoldoende inspanningen heeft getoond om meer inkomen te verwerven. Verzoeker heeft ook zijn verplichtingen tijdens het faillissement niet naar behoren nagekomen en de curator tegengewerkt.
Op grond van deze feiten en omstandigheden wees de rechtbank het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw en onvoldoende aannemelijkheid van nakoming.