Op 1 september 2018 werd de verdachte in het centrum van Rotterdam betrapt op het voorhanden hebben van een doorgeladen vuurwapen, een Crvena Zastava 70 pistool kaliber 7,65 mm, met zeven kogelpatronen. De verdachte bekende het feit, dat plaatsvond in een druk bezocht uitgaansgebied, wat de ernst van het wapenbezit versterkt gezien het risico voor de openbare veiligheid.
De rechtbank hield rekening met het strafblad van de verdachte, die eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld en nog binnen de proeftijd van een eerdere veroordeling zat. De reclassering concludeerde dat toezicht weinig meerwaarde had, maar de verdachte gaf aan begeleiding te willen bij een voorgenomen verhuizing om recidive te voorkomen.
De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een gevangenisstraf van 9 maanden met aftrek van voorarrest. De gevorderde tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke strafdeel van 3 maanden werd afgewezen, maar er werd wel reclasseringstoezicht als bijzondere voorwaarde aan de proeftijd toegevoegd. De proeftijd werd niet verlengd omdat deze nog een jaar zou duren en de hulpvraag beperkt was.
De straf is opgelegd vanwege de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het belang van het tegengaan van wapenbezit in de samenleving. De rechtbank sprak de verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.