Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Onderzoek op de terechtzitting
2..Tenlastelegging
3..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van de onder de parketnummer 10/661011-18 tenlastegelegde feiten 1, 2 en 3 en bewezenverklaring van de onder parketnummer 10/662026-18 ten laste gelegde feiten 1 en 2 voor zover deze feiten zien op een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, en de feiten 3, 4 en 5 primair;
- oplegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
- opheffing van het geschorste bevel voorlopige hechtenis onder parketnummer 10/662026-18.
4..Waardering van het bewijs
parketnummer 10/662026-18)
parketnummer 10/662026-18)
parketnummer 10/662026-18)
5..Strafbaarheid feiten
De eendaadse samenloop van
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf en maatregel
8..Vorderingen benadeelde partijen/ schadevergoedingsmaatregelen
- [naam slachtoffer 5], domicilie kiezende te Rotterdam, ter zake van het onder parketnummer 10/661011-18 onder 3 tenlastegelegde feit.
- De benadeelde partij vordert een bedrag van 300 euro aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en
- [naam slachtoffer 3], wonende te Leidschendam, ter zake van het onder parketnummer 10/662026-18 onder 4 tenlastegelegde feit.
- De benadeelde partij vordert een bedrag van 1914,80 euro aan materiële schade en een bedrag van 375 euro aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
9..Toepasselijke wettelijke voorschriften
10..Bijlagen
11..Beslissing
voor de duur van 162 (honderdtweeënzestig) dagen,
maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
10/662016-18 (voorheen parketnummer 09-777092-17), die bij eerdere beslissing is geschorst;
[naam slachtoffer 5], te betalen een bedrag van
€ 300,- (zegge: driehonderd euro)aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 3 februari 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
[naam slachtoffer 3], te betalen een bedrag van
€ 2219,80 (zegge: tweeëntwintighonderd-ennegentien euro en 80 cent), bestaande uit € 1914,80 aan materiële schade en € 375,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 29 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam slachtoffer 3] te betalen
€ 2219,80(hoofdsom,
zegge: tweeëntwintighonderdennegentien euro en 80 cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 juni 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening;