Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
2.De beoordeling
degene die het voertuig:
Rechtbank Rotterdam
Betrokkene kreeg een sanctie opgelegd wegens het niet tijdig registreren van een voertuig op haar naam nadat de tenaamgestelde was overleden. De auto stond nog op naam van haar overleden vader. Betrokkene voerde aan dat zij niet wist dat het voertuig nog op zijn naam stond en dat de auto direct na constatering was overgeschreven.
De kantonrechter stelde vast dat de sanctie alleen kan worden opgelegd aan degene die als erfgenaam eigenaar of houder van het voertuig is geworden. Volgens de Wegenverkeerswet 1994 kan betrokkene niet als houder worden aangemerkt omdat zij geen van de houderschapsgronden vervult.
Daarom kon de sanctie niet aan betrokkene worden opgelegd. Het beroep werd gegrond verklaard, de eerdere beslissingen vernietigd en het betaalde bedrag werd gerestitueerd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de sanctie vernietigd omdat betrokkene niet als houder van het voertuig kan worden aangemerkt.