ECLI:NL:RBROT:2018:2912
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige exploitatievergunning horeca na negatief politieadvies
Verzoekster heeft op 15 maart 2018 een exploitatievergunning en een voorlopige exploitatievergunning aangevraagd voor een nachthoreca-inrichting in Rotterdam. De burgemeester van Rotterdam heeft op 22 maart 2018 de voorlopige exploitatievergunning geweigerd op basis van een negatief advies van de politie Rotterdam, die aangaf dat er omstandigheden zijn die nader onderzoek behoeven vanwege mogelijke risico's voor de openbare orde en het woon- en leefklimaat.
Verzoekster betoogt dat de weigering onterecht is omdat niet wordt toegelicht welke omstandigheden dit zijn en dat eerdere exploitatie door vader en zoon zonder noemenswaardige problemen verliep. Ook stelt zij dat de zoon geen betrokkenheid heeft bij de aangetroffen MDMA-pillen en dat het besluit leidt tot onevenredige schade, waaronder dreigend faillissement.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de voorlopige exploitatievergunning op grond van het buitenwettelijk beleid kan worden geweigerd bij een negatief politieadvies en dat de burgemeester dit beleid consistent toepast. Het ontbreken van een nadere toelichting op de omstandigheden die nader onderzoek behoeven, leidt niet tot een toekenning van de vergunning. De financiële gevolgen voor verzoekster zijn onvoldoende om de weigering onredelijk te achten.
Daarom wordt het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen en blijft het bestreden besluit naar verwachting in stand. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van de voorlopige exploitatievergunning wordt afgewezen.