ECLI:NL:RBROT:2018:3002
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating verzoeker tot wettelijke schuldsaneringsregeling ondanks huurauto-verplichtingen
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) en is gehoord op de terechtzitting van 20 maart 2018. De rechtbank beoordeelt dat verzoeker is opgehouden met betalen of redelijkerwijs niet kan voortgaan met betaling van zijn schulden.
Op de schuldenlijst staat een schuld van €19.369,55 aan een bedrijf wegens niet betaalde huurtermijnen van vier auto’s, die mede door verzoeker met twee anderen zijn gehuurd voor een bouwonderneming in België. Verzoeker stelt dat de andere betrokkenen drie auto’s hebben verduisterd en dat hij zelf geen verwijt treft, wat blijkt uit een Belgische rechterlijke uitspraak. De andere partijen zijn niet traceerbaar; een pleegde zelfmoord en de ander verblijft in het buitenland.
De rechtbank oordeelt dat verzoeker weliswaar verantwoordelijk is voor de schuld omdat hij het huurcontract mede heeft ondertekend, maar dat hij voldoende aannemelijk heeft gemaakt niet betrokken te zijn geweest bij de verduistering. Daarom wordt verzoeker toegelaten tot de WSNP. De rechtbank benoemt mr. F. Damsteegt-Molier tot rechter-commissaris, kent een voorschot toe aan de bewindvoerder en geeft last tot het openen van aan verzoeker gerichte post.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling ondanks contractuele aansprakelijkheid voor huurauto’s.