ECLI:NL:RBROT:2018:3010
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw bij kinderopvangtoeslag
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling vanwege een schuldenlast van ruim €31.000, grotendeels bestaande uit een schuld aan de Belastingdienst wegens onterecht ontvangen kinderopvangtoeslag in de jaren 2012-2014.
De rechtbank beoordeelt dat verzoekster niet te goeder trouw is geweest bij het ontstaan en het onbetaald laten van deze schuld. Verzoekster vroeg toeslag aan op advies van een kennis terwijl haar kind geen gebruik maakte van kinderopvang. Daarnaast verstrekte zij niet de gevraagde informatie aan de Belastingdienst, waardoor de situatie onnodig lang voortduurde, ook toen zij in het buitenland verbleef.
Ook voor andere belastingschulden geldt dat verzoekster onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte. Hoewel zij nu Nederlandse les volgt en een traject voor arbeidsmogelijkheden doorloopt, acht de rechtbank dit onvoldoende om toelating tot de regeling te rechtvaardigen.
Het verzoek wordt daarom afgewezen. De uitspraak is gedaan door rechter Damsteegt-Molier op 16 maart 2018.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw.