Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Het procesverloop en de processtukken
2.Het verzoek en de reactie daarop
3.De beoordeling
4.De beoordeling
wijst afhet verzoek tot wraking van mr. J.F. Frankruijter.
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. J.F. Frankruijter, rechter in een bestuursrechtelijke beroepsprocedure over een besluit van de politiechef Amsterdam. Het verzoek betrof vermeende vooringenomenheid van de rechter, mede ingegeven door de planning van de zitting op 26 april 2018.
De rechtbank stelde vast dat de rechter op het moment van het wrakingsverzoek nog geen inhoudelijke betrokkenheid had bij de zaak en dat de planning van de zitting door de administratie en zittingscoördinatoren was gedaan, niet door de rechter zelf. Hierdoor kon de vrees voor vooringenomenheid niet worden gerechtvaardigd.
De wrakingskamer heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld en geconcludeerd dat er geen objectieve aanwijzingen zijn voor partijdigheid van de rechter. Daarnaast werden aanvullende wrakingsgronden die later werden ingebracht buiten beschouwing gelaten omdat deze niet tijdig waren ingediend.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek afgewezen en bevestigd dat mr. Frankruijter onpartijdig is in deze procedure. De beslissing werd uitgesproken in een openbare terechtzitting op 28 maart 2018.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. J.F. Frankruijter wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde vrees voor vooringenomenheid.