ECLI:NL:RBROT:2018:3247
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep woonkostentoeslag en niet-ontvankelijkheid beroep tegen brief gemeente Rotterdam
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen besluiten van de gemeente Rotterdam omtrent de toekenning en hoogte van een woonkostentoeslag op grond van de Participatiewet. De gemeente wijzigde de hoogte van de toeslag en verlengde de toekenningsperiode, waarna eiseres beroep instelde tegen het bestreden besluit en tegen een brief waarin een nieuw bezwaar niet in behandeling werd genomen.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaar tegen het eerste besluit mede ziet op het tweede besluit, en dat het bestreden besluit terecht de bezwaren heroverwoog. De brief van 21 september 2017 is geen besluit in de zin van de Awb, waardoor het beroep daartegen niet-ontvankelijk is. De rechtbank stelt vast dat de berekening van de woonkostentoeslag zorgvuldig en conform het gemeentelijk beleid is uitgevoerd, waarbij onder meer rekening is gehouden met vaste woonlasten en inkomenssituatie van eiseres.
Eiseres heeft onvoldoende concrete bewijsstukken overgelegd voor haar stellingen over inkomenswijzigingen, leningen en opstalverzekering. De rechtbank volgt haar niet in de stelling dat de gemeente onzorgvuldig of willekeurig heeft gehandeld. Het beroep tegen het bestreden besluit wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Beroep tegen brief niet-ontvankelijk, beroep tegen besluit woonkostentoeslag ongegrond, schadevergoeding afgewezen.