ECLI:NL:RBROT:2018:364
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen uitdelingslijst nalatenschap gegrond wegens onregelmatigheden en vernietiging uitdelingslijst
De zaak betreft een verzetprocedure ex artikel 4:218 lid 3 BW Pro tegen de uitdelingslijst van de nalatenschap van een overleden persoon, waarbij de minderjarige erfgename wordt vertegenwoordigd door haar moeder.
Verzoeksters betwisten de juistheid van de uitdelingslijst en stellen dat de vereffenaar geen volledige rekening en verantwoording heeft afgelegd, waardoor zij onvoldoende inzicht hebben om bezwaar te maken tegen de opgenomen schuldeisers. Diverse transacties en kostenposten worden betwist, waaronder vorderingen van een voormalige partner, een accountant en een gemachtigde.
De vereffenaar voert aan dat hij reeds rekening en verantwoording heeft afgelegd en dat de kosten van derden noodzakelijk waren voor de vereffening. De rechtbank constateert veel onregelmatigheden en merkwaardigheden in de afwikkeling van de nalatenschap, waaronder de verkoop van de boerderijwoning en communicatieproblemen.
De rechtbank oordeelt dat de procedure niet geschikt is om de juistheid van de uitdelingslijst definitief vast te stellen en verwijst naar een dagvaardingsprocedure voor vorderingsvaststelling. De uitdelingslijst wordt vernietigd en het verzet gegrond verklaard. Verzoek tot afleggen van een nieuwe eindafrekening wordt afgewezen. Proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het verzet tegen de uitdelingslijst wordt gegrond verklaard en de uitdelingslijst vernietigd; het verzoek tot afleggen van eindafrekening wordt afgewezen.