Uitspraak
[naam veroordeelde] ,
raadsman mr. F. Ben-Saddek, advocaat te Rotterdam.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 8 maart 2018 de vordering van het Openbaar Ministerie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde jeugddetentie van twee maanden, opgelegd bij vonnis van 13 mei 2016. De veroordeelde was onder proeftijd gesteld met bijzondere voorwaarden zoals het volgen van onderwijs en het naleven van een avondklok.
Uit het gezinsplan van Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond en een briefrapport bleek dat de begeleiding van de veroordeelde moeizaam verliep en dat hij zich niet altijd hield aan afspraken met school en stage. Desondanks was niet gesteld of gebleken dat de veroordeelde de bijzondere voorwaarden uit het vonnis van de meervoudige kamer had overtreden.
De rechtbank concludeerde dat de voorwaardelijke straf niet ten uitvoer hoeft te worden gelegd en wees de vordering af. De bijzondere voorwaarden blijven onverminderd van kracht en de proeftijd wordt voortgezet. De rechtbank nam dit besluit na een zitting met gesloten deuren, waarbij ook de veroordeelde, zijn ouders, raadsman en een reclasseringswerker werden gehoord.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke jeugddetentie af en laat de proeftijd en voorwaarden ongewijzigd voortduren.