Eiser kreeg een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd voor parkeren op de Teilingerstraat te Rotterdam op 19 november 2017 om 15:30 uur. Eiser betwistte dat hij op die locatie had geparkeerd en stelde dat hij slechts kort had stilgestaan en daarna was doorgereden. Verweerder baseerde de aanslag op een scanauto die via GPS de locatie vastlegde, maar gaf toe dat de GPS-coördinaten tot 20 meter onnauwkeurig waren en de locatie was geregistreerd als Teilingerstraat terwijl eiser feitelijk op de Vijverhofstraat stond geparkeerd.
De rechtbank stelde vast dat de locatie een essentieel onderdeel is van het belastbare feit en dat de onjuiste vermelding van de locatie in de naheffingsaanslag niet kan worden geaccepteerd. De nacontrole door de parkeercontroleur was onvoldoende zorgvuldig omdat deze de locatiecorrectie had moeten doorvoeren. De rechtbank oordeelde dat de onjuiste locatievermelding tot vernietiging van de naheffingsaanslag leidt.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht en proceskosten moest vergoeden. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit en de naheffingsaanslag werden vernietigd, en verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de gemaakte kosten.