Verzoeker diende een verzoek in tot het treffen van een voorlopige voorziening (moratorium) ex artikel 287b Faillissementswet om ontruiming van zijn woning te voorkomen. Hij erkende tijdens de zitting dat hij een hennepkwekerij in het gehuurde had geëxploiteerd, wat leidde tot gevaarlijke omstandigheden en schade aan het gehuurde.
De verhuurder (verweerster) verzette zich tegen het verzoek vanwege de hoge huurachterstand en de geconstateerde hennepkwekerij onder gevaarlijke omstandigheden. De rechtbank stelde vast dat sprake was van een bedreigende situatie door het vonnis tot ontruiming en de aangekondigde uitvoering daarvan.
Bij de belangenafweging woog de rechtbank het gevaar en de schade veroorzaakt door de hennepkwekerij zwaarder dan het belang van verzoeker om in de woning te blijven. Ondanks positieve ontwikkelingen zoals werk en beschermingsbewind, werd het verzoek afgewezen. Tevens werd het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling niet-ontvankelijk verklaard, met de mogelijkheid tot hernieuwde indiening.