Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
2.De standpunten
3.De beoordeling
4.De beslissing
- stelt aan tot curator:
- geeft last aan de curator tot het openen van aan gefailleerde gerichte brieven en telegrammen.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft bij vonnis van 29 juni 2018 de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van de schuldenaar. De bewindvoerder had verzocht tot beëindiging vanwege het niet nakomen van informatieverplichtingen, het niet afdragen aan de boedel sinds januari 2018 en het ontstaan van nieuwe schulden ter hoogte van €7.630,45, waaronder een bestuurlijke boete van €4.015,00 wegens een hennepkwekerij in de huurwoning.
Tijdens de zitting verklaarde de schuldenaar dat persoonlijke problematiek hem belemmerde in het nakomen van verplichtingen, maar dat hij altijd hard had gewerkt. De rechtbank oordeelde dat de schuldenaar toerekenbaar tekort was geschoten in zijn verplichtingen, met name door het ontstaan van nieuwe schulden en de boedelachterstand van bijna €17.000. De hennepkwekerij werd gezien als een ernstige tekortkoming die de regeling rechtvaardigt te beëindigen.
De rechtbank stelde vast dat de schuldsaneringsregeling reeds met de maximale termijn was verlengd tot 6 februari 2019, maar dat de schuldenaar geen haalbaar voorstel tot aflossing had gedaan. De regeling werd beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 sub c en Pro d Faillissementswet. Vervolgens werd een faillissement van rechtswege vastgesteld, een rechter-commissaris benoemd en een curator aangesteld. Tevens werd een postblokkade ingesteld.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens ernstige tekortkomingen en stelt het faillissement van rechtswege vast.