De zaak betreft een vordering van Servicebedrijf Pantein B.V. tegen een minderjarige patiënte, die in 2012 bevallen is in het Maasziekenhuis Pantein zonder ziektekostenverzekering. Pantein vordert betaling van de kosten van de bevalling en controle, vermeerderd met rente en incassokosten. De patiënte betwist dat zij contractspartij is, omdat haar moeder een betalingsverklaring ondertekende en zij zelf minderjarig was.
De rechtbank stelt vast dat minderjarigen vanaf 16 jaar bekwaam zijn om een geneeskundige behandelingsovereenkomst aan te gaan. De ouders traden op als wettelijke vertegenwoordigers en sloten de overeenkomst namens de patiënte, niet voor zichzelf. Hierdoor is de patiënte zelf contractspartij en aansprakelijk voor de kosten van haar eigen behandeling.
De kosten voor de behandeling van de dochter van de patiënte worden afgewezen omdat de patiënte niet als wettelijke vertegenwoordiger van haar dochter is gedagvaard. Een beroep op rechtsverwerking wordt verworpen wegens onvoldoende onderbouwing. De gevorderde rente van 11% wordt afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing. De buitengerechtelijke incassokosten worden wel toegekend, maar beperkt tot het wettelijke tarief.
De patiënte wordt veroordeeld tot betaling van € 3.858,38 aan hoofdsom en incassokosten en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.