ECLI:NL:RBROT:2018:8087
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling wegens benadeling schuldeisers en gebrek aan goede trouw
Verzoekster diende een verzoek in tot toepassing van de schuldsaneringsregeling vanwege een schuldenlast van ruim €24.000, waaronder een teruggevorderde bijstandsuitkering van €21.045,68. Zij was sinds 2009 eigenaar van een geërfd stuk grond in Turkije, waarvan zij geen melding had gemaakt. Dit perceel werd in 2017 om niet aan haar dochter overgedragen, waardoor een belangrijk verhaalsobject buiten haar vermogen kwam te staan.
De rechtbank oordeelde dat verzoekster haar schuldeisers heeft benadeeld en geen blijk heeft gegeven van een saneringsgezinde houding. Tevens was zij niet te goeder trouw in het ontstaan en voortbestaan van haar schulden, waaronder ook een huurachterstand van €1.130,12. Verzoekster kon niet aannemelijk maken dat zij de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling zou nakomen, mede omdat zij geen sollicitaties had overgelegd en haar arbeidsongeschiktheid onvoldoende onderbouwd was.
Gelet op deze omstandigheden en het ontbreken van feiten die toelating tot de regeling rechtvaardigen, wees de rechtbank het verzoek af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens benadeling van schuldeisers en gebrek aan goede trouw.