ECLI:NL:RBROT:2018:8590

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
12 oktober 2018
Publicatiedatum
17 oktober 2018
Zaaknummer
5784968 \ CV EXPL 17-8285
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 225 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rolbeslissing over schorsing procedure na overlijden partij in civiele zaak

In deze civiele zaken tussen Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. en een gedaagde is de hoofdzaak aangehouden vanwege een beroepsprocedure en de vrijwaringszaak vanwege samenhang met de hoofdzaak. De gedaagde is overleden op 8 november 2017, waarna geen formele schorsing van het geding is aangevraagd zoals voorgeschreven in artikel 225 Rv Pro.

Ondanks het overlijden heeft de gemachtigde van wijlen de gedaagde op 15 augustus 2018 nog een conclusie van dupliek genomen. De kantonrechter stelt vast dat dit zonder formele schorsing is gebeurd en vraagt zich af door wie de gemachtigde gemachtigd is om namens de overleden partij op te treden.

De kantonrechter wijst een rolzitting aan op 7 november 2018 om mr. Berendse-de Gruijl de gelegenheid te geven zich uit te laten over de gemachtigdheid en het al dan niet toepassen van de schorsingsregeling. Verdere beslissingen worden aangehouden totdat hierover duidelijkheid is verkregen.

Uitkomst: De zaak is aangehouden en verwezen naar een rolzitting om te bepalen of en hoe de schorsingsregeling na overlijden wordt toegepast.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummers: 5784968 \ CV EXPL 17-8285 en 6163304 \ CV EXPL 17-24956
uitspraak: 12 oktober 2018
rolbeslissing van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,
in de zaak onder zaaknummer 5784968 \ CV EXPL 17-8285 (hoofdzaak)
van
de naamloze vennootschap
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V.,
gevestigd te Utrecht,
eiseres bij exploot van 1 maart 2017,
gemachtigde: GGN Mastering Credit N.V. te Rotterdam,
tegen
[gedaagde],
wonende te [plaatsnaam],
gedaagde,
gemachtigde: mr. L.H.E.M. Berendse-de Gruijl te Rotterdam,
in de zaak onder zaaknummer 6163304 \ CV EXPL 17-24956 (vrijwaring)
van
[gedaagde],
wonende te [plaatsnaam],
eiser in vrijwaring,
gemachtigde: mr. L.H.E.M. Berendse-de Gruijl te Rotterdam,
tegen
[gedaagde in vrijwaring],
gedaagde in vrijwaring,
gemachtigde: mr. R.J. Michielsen.
Partijen worden hierna aangeduid als ‘Zilveren Kruis’ respectievelijk ‘[gedaagde]’ en ‘[gedaagde in vrijwaring]’.

1.Overwegingen

1.1
In deze zaken heeft de kantonrechter de uitspraak nader bepaald op 26 oktober 2018. Er kan echter nog geen vonnis worden gewezen in verband met het volgende.
1.2
De hoofdzaak is vanaf oktober 2017 op verzoek van Zilveren Kruis aangehouden voor de duur van aanvankelijk een half jaar en daarna voor de duur van nog eens drie maanden. Dit in verband met de door [gedaagde] ingestelde beroepsprocedure, waarin op 8 mei 2018 uitspraak is gedaan. In de vrijwaringszaak is, nadat partijen waren uitgeconcludeerd, nog geen vonnis bepaald, maar is deze zaak bij rolbeslissing van 8 december 2017, gelet op de samenhang met de hoofdzaak uit oogpunt van proceseconomie ambtshalve aangehouden.
1.3
[gedaagde] is overleden op 8 november 2017.
1.4
Op 18 juli 2018 heeft Zilveren Kruis in de hoofdzaak een conclusie van repliek genomen.
1.5
Op 15 augustus 2018 is in de hoofdzaak aan de zijde van wijlen [gedaagde] een conclusie van dupliek genomen.
1.6
In artikel 225 lid 1 sub a Rv Pro is bepaald dat de dood van een partij grond is voor schorsing van het geding. De schorsing vindt plaats door betekening van de ingeroepen grond voor schorsing aan de wederpartij dan wel door een daartoe strekkende akte ter rolle. Bij gebreke hiervan wordt het geding op naam van de oorspronkelijke partij voortgezet. Schorsing kan ingevolge lid 6 van het genoemde artikel niet meer plaats vinden nadat de dag is bepaald waarop het vonnis zal worden uitgesproken.
1.7
De kantonrechter stelt vast dat geen gebruik is gemaakt van de in artikel 225 Rv Pro opgenomen schorsingsregeling, die kan worden ingeroepen na het overlijden van [gedaagde]. Wel is door de gemachtigde van wijlen [gedaagde] op de rolzitting van 15 augustus 2018 in de hoofdzaak namens hem gedupliceerd. Verder stelt de kantonrechter vast dat zich in de vrijwaringszaak niet de situatie voordoet zoals bedoeld in artikel 225 lid 6 Rv Pro.
1.8
Gelet op het voorgaande ziet de kantonrechter aanleiding om mr. Berendse-de Gruijl in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over de vraag door wie zij is gemachtigd om in de hoofdzaak een conclusie van dupliek te nemen, op een moment dat [gedaagde] al was overleden. Voorts dient Mr. Berendse-de Gruijl zich uit te laten over de vraag of in de vrijwaringszaak al dan niet gebruik gemaakt zal worden van de schorsingsregeling van artikel 225 Rv Pro en namens wie zij in die zaak optreedt.
Mr. Berendse-de Gruijl zal op na te melden rolzitting in de gelegenheid worden gesteld om zich over een en ander uit te laten.
1.9
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

2.De beslissing

De kantonrechter:
in de hoofdzaak en in de vrijwaringszaak,
verwijst de zaak naar de rolzitting van de kantonrechter van
woensdag 7 november 2018 om 14.30 uurteneinde mr. Berendse-de Gruijl de gelegenheid te bieden zich bij akte uit te laten als hiervoor onder 1.8 bedoeld;
bepaalt dat de door mr. Berendse-de Gruijl te nemen akte in tweevoud
uiterlijk de dag vóór de rolzitting om 12 uurter griffie ontvangen dient te zijn; ook kan de akte worden ingediend op de rolzitting zelf, maar dan dient rekening gehouden te worden met een wachttijd.
Deze beslissing is gegeven door mr. K.J. Bezuijen en uitgesproken ter openbare terechtzitting.