ECLI:NL:RBROT:2018:9436
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek eigen aangifte faillissement wegens gebrek aan baten
De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [bedrijf] heeft op eigen aangifte een verzoek tot faillietverklaring ingediend bij de rechtbank Rotterdam. Uit de stukken en de zitting blijkt dat de vennootschap is gestopt met betalen en voldoet aan de faillissementsvereisten volgens de Faillissementswet.
Echter is vastgesteld dat de onderneming geen baten meer bezit, geen debiteuren, geen onroerende zaken, geen bedrijfspand of personeel heeft, en dat de bedrijfsactiviteiten geruime tijd geleden zijn gestaakt. Er zijn ook geen aanwijzingen dat er nog baten te verwachten zijn, bijvoorbeeld door aansprakelijkheid van de bestuurder.
De rechtbank overweegt dat een curator het faillissement waarschijnlijk snel zal voordragen voor opheffing wegens gebrek aan baten, wat leidt tot ontbinding van de vennootschap en verdere toename van schuldenlast door curatorwerkzaamheden. Aangeefster kan ook op grond van het Burgerlijk Wetboek ontbonden worden zonder faillissement.
Daarom heeft de vennootschap onvoldoende belang bij het faillissementsverzoek en wordt zij niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen acht dagen, uitsluitend door een advocaat.
Uitkomst: Verzoek tot faillietverklaring op eigen aangifte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan baten en onvoldoende belang.