ECLI:NL:RBROT:2019:10944
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Herstelvonnis opheffing voorlopige hechtenis verdachte
In deze zaak heeft de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam op 24 januari 2019 een vonnis gewezen tegen de verdachte. Bij dit vonnis was abusievelijk de beslissing op de voorlopige hechtenis niet opgenomen. Dit herstelvonnis vult dat vonnis aan door expliciet te verklaren dat het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, dat bij een eerdere beslissing was geschorst, wordt opgeheven.
De herstelvonnis is opgesteld en ondertekend door de voorzitter mr. C.G. van de Grampel en griffier mr. A. van den Bosch, in aanwezigheid van de raadsheren mr. J. de Lange en mr. A. Greve-Kortrijk. De advocaat van de verdachte is mr. Ö. Saki te Rotterdam.
Het herstelvonnis zorgt voor de volledigheid van het processtuk en bevestigt de opheffing van de voorlopige hechtenis, waarmee de procedure wordt afgerond wat betreft dit aspect van de zaak.
Uitkomst: Het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte wordt opgeheven en toegevoegd aan het vonnis.