ECLI:NL:RBROT:2019:1185
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking vergunning wegens niet voldoen aan heffingsverplichting
De Autoriteit Financiële Markten (AFM) heeft de vergunning van eiser voor advisering en/of bemiddeling ingetrokken op grond van artikel 1:104, eerste lid, aanhef en onder m, van de Wft, vanwege het niet voldoen aan heffingen over de periode 2008 tot en met 2016 ter hoogte van €7.795.
Eiser erkent de betalingsachterstand, maar voert aan dat hij tijdens het bezwaarproces een deel van de heffingen heeft voldaan en dat AFM onduidelijkheid heeft gecreëerd over de betalingsstatus. De rechtbank oordeelt dat AFM niet verplicht was om bij de herbeoordeling rekening te houden met betalingen na het primaire besluit en dat het uitgangspunt van volledige herbeoordeling niet strekt tot herroeping van het handhavingsbesluit.
Verder is vastgesteld dat AFM meerdere betalingsregelingen heeft getroffen en pogingen tot invordering heeft gedaan, waaronder een succesvolle gang naar de burgerlijke rechter. De rechtbank volgt eiser niet in zijn stelling dat er gerechtvaardigd vertrouwen bestond dat alle heffingen voldaan waren. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de vergunning gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de vergunning gehandhaafd.