Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden met aftrek van voorarrest;
- als bijkomende straf de ontzetting van het recht om het beroep van bestuurder van een rechtspersoon uit te oefenen gedurende een periode van twee jaar, welke periode zal ingaan als de verdachte zijn detentie heeft uitgezeten;
- verbeurdverklaring van de onder nummers 1, 2, 3 en 4 op de beslaglijst vermelde en in beslag genomen goederen.
4.Waardering van het bewijs
tot een totaal vanEUR 617.345 de herkomst heeft verhuld en verborgen wie de rechthebbende op die geldbedragen is/zijn en heeft verworven en voorhanden heeft gehad en omgezet, terwijl hij, verdachte, en zijn mededaders wisten, dat bovenomschreven geldbedragen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit een of meer misdrijven, terwijl hij, verdachte, en zijn mededaders, van het plegen van witwassen een gewoonte hebben gemaakt;
ndie geschriften echt en onvervalst, elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen,
ndeze echt en onvervalst;
5.Strafbaarheid feiten
medeplegen van gewoontewitwassen
medeplegen van valsheid in geschrift en medeplegen van opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, telkens meermalen gepleegd
opzettelijkvoorhanden hebben gehad De rechtbank zal de verdachte in zoverre ontslaan van rechtsvervolging.
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straffen
8.In beslag genomen voorwerpen
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden,
- verklaart verbeurd als bijkomende straf voor de feiten 1 en 2, de goederen zoals opgenomen op de beslaglijst onder nummers
1, 2, 3 en 4.