Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van één maand voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 180 uur, bij niet voldoening te vervangen door 90 dagen hechtenis.
4.Waardering van het bewijs
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vordering benadeelde partij/ schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
180 (honderdtachtig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
178 (honderdachtenzeventig) urente verrichten taakstraf resteert;
89 (negenentachtig) dagen;
€ 1.392,55 (zegge: dertienhonderdtweeënnegentig euro en vijvenvijftig eurocent), bestaande uit € 642,55 aan materiële schade en € 750,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 25 februari 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen
€ 1.392,55 (zegge: dertienhonderdtweeënnegentig euro en vijvenvijftig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 februari 2018 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 1392,55 vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
23 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op.