Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
4.Waardering van het bewijs
Alhoewel de lading (…)[van dit pakketje]
wel degelijk een explosieve stof betrof (namelijk 330 gram ammoniumnitraatspringstof) en[de]
ontsteker (…) wel degelijk een deugdelijke ontsteker betrof (namelijk een gloeipil) was het verdachte pakketje (…) om meerdere redenen niet deugdelijk:
- (…)[de betreffende]
gloeipil isgeengeschikte ontsteker om een relatief ongevoelige springstoflading, zoals (…)[ammoniumnitraatspringstof]
tot ontploffing te brengen; - omdat de uiteinden van de elektriciteitsdraden van de gloeipil nooit op afstand geactiveerd hadden
kunnen worden middels[de]
telefoon (…)[die aan het pakketje verbonden was]
(bijvoorbeeld door het telefoonnummer van de telefoon te bellen of door de wekker/alarmfunctie te gebruiken).”
tsteekpil en welke telefoon en/of ontsteekpil middels (oranje) draden waren verbonden met een pakket waarin zich een explosief bevond, op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats, te weten op/in een parkeervak/parkeerplaats aan de openbare weg, het [plaats delict] , heeft achtergelaten of geplaatst, met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat daardoor een ontploffing kon worden teweeggebracht;
5.Strafbaarheid feiten
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Bijlagen
10.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 14 (veertien) maanden;
6 (zes) maandenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;