ECLI:NL:RBROT:2019:2005
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging proeftijd met twee jaar wegens voortgezet toezicht en behandeling
De rechtbank Rotterdam heeft op 19 februari 2019 besloten om de proeftijd van een veroordeelde te verlengen met twee jaar. Deze proeftijd was oorspronkelijk vastgesteld bij vonnis van 20 januari 2017, waarbij een gevangenisstraf van 240 dagen werd opgelegd, waarvan 140 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De verlenging volgt op een vordering van de officier van justitie en de instemming van de veroordeelde.
De proeftijd is verbonden aan algemene en bijzondere voorwaarden, waaronder behandeling van psychiatrische en verslavingsproblematiek, klinische opname, ambulante zorg en verblijf in een instelling voor begeleid wonen. Het rapport van de reclassering concludeert dat de veroordeelde nog niet voldoende stabiel is en een langere periode van toezicht en begeleiding nodig heeft.
De veroordeelde heeft zelf verklaard dat hij recent is teruggevallen in middelengebruik door stress en traumatische ervaringen, en dat hij gemotiveerd is om met hulp van de reclassering en GGZ verder te werken aan zijn herstel. De rechtbank acht de verlenging van de proeftijd met de bestaande voorwaarden noodzakelijk om verdere terugval te voorkomen.
De beslissing is genomen door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam, waarbij de voorzitter en twee rechters het vonnis hebben uitgesproken. De verlenging van de proeftijd betekent dat de veroordeelde onder toezicht blijft staan en zich moet houden aan de gestelde voorwaarden voor nog eens twee jaar.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de proeftijd met twee jaar onder de bestaande voorwaarden.