ECLI:NL:RBROT:2019:4003
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen faillissementsverklaring ongegrond wegens niet-betaling curatorkosten
De rechtbank Rotterdam behandelde het verzet van een verzoeker tegen zijn faillissementsverklaring, uitgesproken op 19 maart 2019. Verzoeker was in staat van faillissement verklaard op verzoek van een besloten vennootschap, waarbij tevens een rechter-commissaris en curator waren benoemd.
Tijdens de procedure gaf de advocaat van verweerster aan dat partijen een minnelijke regeling hadden getroffen en instemden met vernietiging van het faillissement, mits de faillissementskosten voldaan werden. Verzoeker vroeg uitstel om deze kosten te voldoen, waarop de rechtbank de behandeling aanhield.
De curator meldde echter dat ondanks de aanhouding en afspraken, de faillissementskosten, inclusief het salaris van de curator, niet waren betaald. De rechtbank stelde vast dat verzoeker terecht failliet was verklaard en dat niet aan de voorwaarden voor vernietiging was voldaan.
Daarom verklaarde de rechtbank het verzet ongegrond en bevestigde de faillissementsverklaring. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na uitspraak.
Uitkomst: Het verzet tegen de faillissementsverklaring wordt ongegrond verklaard vanwege niet-betaling van de faillissementskosten.