ECLI:NL:RBROT:2019:533
Rechtbank Rotterdam
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens termijnoverschrijding in bestuursrechtelijke zaak
Opposant had beroep ingesteld tegen een besluit van 19 maart 2018, maar de rechtbank had het beroep op 7 september 2018 niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn. Verweerder had aannemelijk gemaakt dat het besluit op 19 maart 2018 was verzonden via het registratiesysteem Octopus.
In het verzet betwistte opposant de ontvangst van het besluit en stelde dat het besluit pas op 1 mei 2018 via e-mail bekend was gemaakt, waardoor de beroepstermijn later zou zijn aangevangen. Tevens stelde opposant dat de overgelegde printscreens van Octopus niet overtuigend waren en dat het zaaknummer op de printscreens niet overeenkwam met zijn zaaknummer.
Verweerder kwam vervolgens terug op haar standpunt en erkende dat zij de verzending niet langer aannemelijk kon maken, mede gelet op recente jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De rechtbank oordeelde dat er voldoende grond was om te twijfelen aan de rechtmatigheid van de niet-ontvankelijkverklaring en verklaarde het verzet gegrond. Het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet is gegrond verklaard en de eerdere niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt vernietigd.