ECLI:NL:RBROT:2019:5523
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beëindiging maatregel plaatsing in inrichting voor stelselmatige daders
De veroordeelde is bij vonnis van 19 juli 2017 door de rechtbank Rotterdam onderworpen aan de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD) voor twee jaar. Op 27 maart 2019 heeft de veroordeelde een verzoek ingediend tot tussentijdse beoordeling en beëindiging van deze maatregel. De rechtbank ontving een toetsingsverslag van 15 mei 2019 van de casemanager van de penitentiaire inrichting Veenhuizen.
Tijdens de openbare zitting op 28 mei 2019 zijn de veroordeelde, zijn raadsman, de officier van justitie en de casemanager gehoord. De officier van justitie adviseerde voortzetting van de maatregel, terwijl de veroordeelde en zijn raadsman beëindiging bepleitten, onder verwijzing naar bijzondere voorwaarden uit een andere strafzaak en de wenselijkheid van beëindiging voor een betere levensinvulling.
Het toetsingsverslag en de toelichting van de casemanager wezen echter op het belang van voortzetting van de maatregel vanwege de nog niet afgeronde behandeling en het aanwezige recidiverisico. De rechtbank concludeerde dat ondanks positieve recente ontwikkelingen de maatregel noodzakelijk blijft om gedragsverandering te bewerkstelligen en een succesvolle terugkeer in de maatschappij mogelijk te maken. Het verzoek tot beëindiging van de ISD-maatregel is daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot beëindiging van de ISD-maatregel wordt afgewezen vanwege het aanwezige recidiverisico en het belang van voortzetting van de behandeling.