Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift, met bijlagen, ontvangen op 9 mei 2019;
- het verweerschrift, tevens houdende een (voorwaardelijk) tegenverzoek, met bijlagen, ontvangen op 1 juli 2019.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak waarin een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd bij Stroop Beheer B.V. op staande voet was ontslagen. De werknemer, die onder mentorschap en bewindvoering staat vanwege haar geestelijke en lichamelijke toestand, was ziekgemeld met een overbelaste pees in haar arm en weigerde aangepaste werkzaamheden te verrichten. Stroop Beheer stelde dat dit een dringende reden was voor ontslag op staande voet.
De rechtbank oordeelde dat het ontslag onregelmatig was omdat Stroop Beheer onvoldoende had gehandeld conform de vereisten van ziekteverzuimbegeleiding en re-integratie. Zo was er geen adequaat contact met de bedrijfsarts geweest en was de werknemer gerechtigd het advies van de bedrijfsarts af te wachten. Ook was onvoldoende gebleken dat de werknemer zich onbereikbaar had gehouden. Het ontslag op staande voet werd daarom als een te zware sanctie beoordeeld.
De rechtbank kende de werknemer een schadevergoeding toe wegens onregelmatige opzegging van €303,13 bruto, vermeerderd met vakantietoeslag en wettelijke rente, en een billijke vergoeding van €1.500,00 bruto wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. Het tegenverzoek van Stroop Beheer tot terugbetaling van studiekosten werd afgewezen omdat de arbeidsovereenkomst niet op initiatief van de werknemer was geëindigd.
De proceskosten werden aan Stroop Beheer opgelegd. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldig ziekteverzuimbeleid en goed werkgeverschap, zeker bij werknemers met een beperking.
Uitkomst: Ontslag op staande voet is onregelmatig verklaard; werkgever is veroordeeld tot betaling van schadevergoeding en billijke vergoeding aan werknemer.