ECLI:NL:RBROT:2019:6552
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs poging tot inbraken in Gorinchem
De rechtbank Rotterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van drie pogingen tot inbraak in Gorinchem in februari en maart 2016. De tenlastelegging omvatte het forceren van cilindersloten en het wegnemen van diverse goederen uit een woning, een slijterij en een kapsalon.
De officier van justitie en de verdediging waren het eens over het ontbreken van voldoende wettig en overtuigend bewijs en vorderden vrijspraak. De rechtbank beoordeelde het bewijs, waaronder een NFI-rapport dat DNA van verdachte op een slotentrekker in een nylon tasje bij de kapsalon aantrof. Dit werd echter onvoldoende geacht om de tenlastegelegde feiten bewezen te verklaren.
Een aanvullend proces-verbaal sporenonderzoek bracht onvolkomenheden aan het licht, zoals dubbele proces-verbaalnummers en inconsistenties in SIN-nummers van bewijsmiddelen, waardoor de betrouwbaarheid van het bewijs werd ondermijnd. Gezien het ontbreken van ander bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor de pogingen tot inbraak.