Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 1 primair (doodslag) ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1 subsidiair en 2 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 jaren met aftrek van voorarrest.
4.Het standpunt van de verdediging
5.Waardering van het bewijs
- verscheuring van de vetweefsels rondom en een deel van de alvleesklier in het gebied van de kopregio en bloeduitstorting in de ruimte achter de maag;
- bloeduitstorting in de weke delen langs de maag en de dunne darm.
(p.42-44).
(p. 413-423).
(p. 87-93).
(p. 94-97). De getuige zag dat het lichaam van het slachtoffer kantelde toen hij die trap kreeg
(p. 388-391).
(p. 221-235).
(p. 248-289)en ter terechtzitting getoond
(04:33:16 - 04:36:12 uur, in feite 03:24:05 - 03:27:01 uur).
(04:45:11 uur, in feite 03:36:00 uur). Ook is te zien dat de verdachte doet alsof hij uithaalt naar beveiliger en getuige [naam getuige 4] .
(04:46:18, in feite 03:39:07 uur).
(in feite 03:39:27 uur)is te zien dat de verdachte nogmaals een “stampende” beweging met zijn rechter been maakt.
(p.370-371).
“ja, ik heb hem geschopt zei hij”.
Het moet daarbij gaan om een kans die naar algemene ervaringsregels aanmerkelijk is te achten, en dat de verdachte die kans bewust heeft aanvaard. Niet is vereist dat de verdachte de kans heeft aanvaard op het specifieke letsel dat zich in het concrete geval heeft voorgedaan – zoals in dit geval tamelijk zeldzaam letsel -. Voldoende is dat hij bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat door zijn schop/stamp zwaar letsel zou ontstaan.
(p. 25-26 en 429-432). Hierna hebben geen pin-transacties meer plaatsgevonden
(p. 565-566).
(p. 584-585).
(p.7).
(p. 475-479). Ook getuige [naam getuige 6] heeft op 27 januari 2018 tevergeefs contact gezocht met het slachtoffer, terwijl zij het slachtoffer kent als iemand die altijd vrij snel reageert op berichtjes
(p. 460-466).
(p. 438-444).
(p. 438-444).
(10/742093-18)
6.Strafbaarheid feiten
7.Strafbaarheid verdachte
8.Motivering straf
9.Vordering benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
€ 7.210,14aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot de dag der algehele voldoening van de schadevergoeding door de verdachte.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Voorlopige hechtenis
12.Bijlagen
13.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) jaren;
[naam benadeelde], te betalen een bedrag van
€ 7.210,14 (zegge: zevenduizendtweehonderdentien euro en veertien cent), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 19 maart 2018 tot aan de dag der algehele voldoening;
€ 26,89, aan reiskosten;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen
€ 7.210,14(hoofdsom,
zegge: zevenduizendtweehonderdentien euro en veertien cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 maart 2018 tot aan de dag van de algehele voldoening;
€ 7.210,14vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
71 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;
(10/742093-18)