Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- de heer mr. E.R. Butin Bik, advocaat.
2.Het verzoek
3.Het verweer
6 november 2018. Inclusief proces- en executiekosten staat thans een totaalbedrag open van € 4.776,11.
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 287b Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die verweerster verbiedt het vonnis tot ontruiming uit te voeren. Verzoekster heeft verklaard dat zij de huurpenningen voor februari 2019 heeft betaald en beschikt over een vast inkomen, maar door beslag op haar inkomen tijdelijk niet aan haar betalingsverplichtingen kon voldoen. Financieel Adviesbureau Deco verzorgt het budgetbeheer en schuldbemiddeling om niet, onder dossiercontrole van de advocaat.
Verweerster stelt dat de huurachterstand is opgelopen en dat verzoekster laat hulp heeft gezocht en geen garanties geeft voor toekomstige betalingen. De rechtbank beoordeelt dat sinds 1 januari 2019 een verzoek tot moratorium afgewezen moet worden indien de schuldbemiddeling niet wordt uitgevoerd door een persoon of instelling als bedoeld in artikel 48 lid 1 van Pro de Wet op het consumentenkrediet. Financieel Adviesbureau Deco kwalificeert zich niet als zodanig omdat zij de schuldbemiddeling om niet verricht.
De Hoge Raad heeft bevestigd dat alleen personen of instellingen genoemd in artikel 48 lid 1 sub Pro b t/m d Wck erkend zijn. De enkele stelling dat de schuldbemiddeling onder dossiercontrole van een advocaat plaatsvindt, verandert hier niets aan. De rechtbank wijst het verzoek af en verklaart verzoekster niet-ontvankelijk in haar verzoek ex artikel 284, tweede lid, Fw. Verzoekster kan een nieuw verzoek indienen indien zij zich tot een erkende schuldbemiddelaar wendt.
Uitkomst: Het verzoek om een moratorium wordt afgewezen omdat de schuldbemiddeling niet wordt uitgevoerd door een erkende persoon of instelling volgens de Wet op het consumentenkrediet.